Zorg

De zorg

Hoe volgen wij de ontwikkeling van uw kind? De groepsleerkracht is de eerst verantwoordelijke voor de kwaliteit van de zorg op groepsniveau. De directeur is integraal eindverantwoordelijk voor de zorg op schoolniveau. Hij wordt hierin bijgestaan door de bouwcoördinatoren (onderbouw en bovenbouw). Zij houden in de gaten of elke klas draait zoals het hoort en nemen organisatorische maatregelen om ervoor te zorgen dat elke leerkracht de middelen heeft om goed les te geven.

Binnen het team is daarnaast een intern begeleider (IB'er) aangesteld. De intern begeleider organiseert, coördineert en bewaakt de leerlingenzorg binnen de school en is gericht op de aandacht voor de zorgleerling en de begeleiding van de leerkracht. Er is een IB'er voor de onderbouw (groep 1 t/m 4 en voor de bovenbouw (groep 5 t/m 8).

Sociaal emotioneel functioneren

De groepsleerkracht volgt het sociaal-emotioneel functioneren van de leerlingen door middel van observaties. Wanneer de groepsleerkracht signaleert dat uw kind sociaal-emotioneel niet conform zijn/haar leeftijd functioneert wordt contact opgenomen met u als ouders. Samen wordt geprobeerd het probleem in kaart te brengen en een oplossing te vinden. Ook u als ouder kunt uw zorg over het sociaal-emotioneel functioneren van uw kind uitspreken bij de groepsleerkracht. Soms is het wenselijk ook de intern begeleider bij dit gesprek uit te nodigen, uiteraard kan dit ook in een later stadium. 

Wanneer er sprake is van gedrag wat voor uw kind zelf en voor medeleerlingen een probleem geeft voor het volgen van de lessen, kan een handelingsplan gedrag worden opgesteld. Als er sprake is van pesten wordt het pestprotocol gevolgd.

Didactisch functioneren

Het didactisch functioneren van uw kind wordt gevolgd door middel van methode gebonden toetsen (afgenomen na elk hoofdstuk of blok in het boek) en door middel van de toetsen van het leerlingvolgsysteem (LVS) van Cito. Deze laatste worden op vaste toetsmomenten volgens de toetskalender afgenomen.

Uw kind krijgt vanaf groep 3 tweemaal per schooljaar een rapport. In november van het schooljaar wordt u uitgenodigd voor een voortgangsgesprek. De inhoud van dit gesprek bestaat uit het bespreken van de voortgang van de eerste periode van het schooljaar. Het eerste rapport wordt in februari/ maart van het schooljaar meegegeven. U wordt bij rapport 1 in februari/maart uitgenodigd voor een tienminutengesprek om over de vorderingen en het sociaal-emotioneel functioneren van uw zoon of dochter te praten. Soms is het nodig om een vervolgafspraak te maken of wat meer tijd te hebben. Dit is uiteraard altijd mogelijk en er zal een vervolgafspraak worden gemaakt met de leerkracht(en). Als uw kind in groep 1 of 2 zit, wordt u tweemaal per jaar uitgenodigd voor een tienminutengesprek. U krijgt geen schriftelijke rapportage mee maar u kunt op school een plakboek inzien met werkjes die uw kind de afgelopen periode heeft gemaakt. Als uw kind naar groep 3 gaat krijgt u het plakboek mee naar huis. 

Wanneer wordt besloten dat uw kind extra zorg nodig heeft in de groep, wordt het stappenplan van de zorg gevolgd.

Document Zorgplan 2015 2016

Stappenplan zorg

Wanneer de groepsleerkracht constateert dat een leerling extra instructie nodig heeft, gebeurt dit in eerste instantie in de klas. Dit gebeurt tijdens het zelfstandig werken aan de instructietafel. Wanneer blijkt dat dit niet voldoende werkt, kan in overleg met de IB'er, worden besloten tot extra ondersteuning buiten de klas. Deze ondersteuning kan gegeven worden door onze onderwijsassistent of voor meer specialistische hulp door onze remedial teachers.
Ouders worden hiervan op de hoogte gesteld. Naar aanleiding van de resultaten wordt gekeken of de begeleiding wordt verlengd of afgesloten.
Bij de evaluatie van de RT wordt gekeken of de doelen zijn behaald of dat er mogelijk externe hulp moet worden ingeschakeld voor diagnostisch onderzoek en/of begeleiding van de leerkrachten. In overleg met ouders wordt dan bekeken of een externe instantie door de school of door ouders wordt benaderd.
Het complete zorgprotocol wordt beschreven in het zorgplan. Dit zorgplan omvat ook ons dyslexiebeleid, en het beleid voor kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong. Het zorgplan op deze website moet nog worden geactualiseerd.

Leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong

Op de E.L.S. neemt de zorg voor leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong een belangrijke plaats in. Hiervoor is een taakleerkracht aangesteld die verantwoordelijk is voor de zorg voor leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong.

Het beleid van de E.L.S. is gericht op een vroegtijdige signalering van leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong en een doorgaande lijn binnen de school. Signalering vindt plaats in overleg van ouders en leerkracht in samenspraak met de SiDi 3, een instrument voor signalering en diagnostisering van leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong. Elk jaar in oktober worden de signaleringslijsten in alle klassen door de leerkrachten ingevuld. De doorgaande lijn binnen de school wordt bewaakt en verder uitgewerkt door de taakleerkracht KOV (kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong). In de praktijk bestaat de begeleiding van de leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong uit de volgende zaken:

Groep 1 en 2

Kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong werken in de klas met extra uitdagende materialen. Deze materialen geven de leerlingen meer uitdaging in de ontwikkelingsgebieden: ruimtelijke oriëntatie, het voorbereidend lezen en het rekenen. Dit aanbod van verbreding en verdieping vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de groepsleerkracht.

Daarnaast vindt er een plusgroep kleuters plaats. In de plusgroep wordt met een kleine groep kleuters een projectje gedaan rond een bepaald thema. Kleuters die hieraan mee mogen doen worden geselecteerd door de kleuterleerkrachten en de intern begeleider naar aanleiding van een aanbeveling van de eigen leerkracht en de SiDi-signalering.

Rekenen

Eenmaal in de week komen leerlingen die extra uitdaging in rekenen behoeven onder begeleiding van de taakleerkracht KOV bij elkaar. Zij werken uit een verkorte versie van de rekenmethode (compact) en krijgen daarnaast leerstof ter verdieping aangereikt. Ook in de klas kunnen de leerlingen werken met de compact versie van de rekenmethode. Hiernaast krijgen zij materiaal ter verbreding aangeboden. Deze manier van werken vindt plaats onder begeleiding van de eigen leerkracht.

Taal

Voor leerlingen vanaf groep 4 met een ontwikkelingsvoorsprong op het gebied van taal is ook verbreding en verdieping gecreëerd. Van de taalmethode bestaat eveneens een compact versie. Leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong werken uit een routeboekje dat precies aangeeft welke opdrachten zij wel en niet moeten maken. Daarnaast hebben zij extra werk ter verbreding en verdieping. Dit taal compact en het extra werk vindt in de klas plaats onder verantwoordelijkheid van de eigen leerkracht. Voor leerlingen in groep 3 is er binnen de methode “veilig leren lezen” verbreding en verdieping mogelijk. 

Externe zorg

Soms weten wij op school niet precies op welke manier we de beste hulp kunnen bieden. Na overleg en met toestemming van de ouders vragen wij dan om externe hulp om precies na te gaan waar de problemen liggen en welke hulp het meest effectief is. De volgende instanties kunnen hierbij worden ingeschakeld:

Logopedie (OnderwijsAdvies)

De taak van de logopedist is onder andere het uitvoeren van logopedisch onderzoek. Dit kan plaatsvinden op verzoek van de ouders of de school. De logopedist kan onderzoek verrichten op het gebied van taalontwikkeling, uitspraak, afwijkende mondgewoonten, stotteren/vloeiendheid, stem, auditieve waarneming en beginnende geletterdheid. Naast deze specifieke zorg is de logopedist ook een aantal keer per jaar standaard aanwezig op de E.L.S. Aan het eind van groep 1 of aan het begin van groep 2 worden alle leerlingen gescreend. Ouders vullen van tevoren een vragenlijst in. Bij gesignaleerde problemen kan het kind, na toestemming van de ouders, worden aangemeld voor logopedisch onderzoek. Als blijkt dat er logopedische begeleiding nodig is, bespreekt de logopedist met de ouders het vervolg: adviezen, verwijzing naar een vrijgevestigde logopedist of controle. Tevens geeft de logopedist voorlichting aan ouders en leerkrachten en kan zij klassenlessen over logopedische onderwerpen zoals bijvoorbeeld mondmotoriek verzorgen.

Passend onderwijs

Schoolbesturen met scholen voor primair en speciaal onderwijs die onderwijs verzorgen in de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Zoeterwoude, Voorschoten, Oegstgeest, Wassenaar en Kaag en Braassem hebben met ingang van het schooljaar 2014-2015 de opdracht om voor alle leerlingen binnen deze gemeenten passend onderwijs te organiseren. Ze zijn gebundeld in de organisatie ‘Passend Primair Onderwijs Regio Leiden’.

Ze hebben de volgende missie geformuleerd: Het bieden van passend onderwijs aan elk kind, aansluitend op zijn of haar ontwikkeling en talenten.

De onderwijsspecialist van PPO kan meedenken met ons over de mogelijkheden om de aanpak van de leerkracht, het onderwijs en/of de omgeving passend te maken voor een leerling. Door deze extra ondersteuning kunnen de meeste leerlingen het lesprogramma goed volgen.

Ondersteuningsteam

Indien er ook met de hulp vanuit het Expertteam te weinig vooruitgang wordt geboekt, en wij weten niet goed hoe wij het beste zorg kunnen bieden voor een leerling, kan de IB'er een ondersteuningsteam verzamelen. Het ondersteuningsteam is een overleg op school waarin één leerling centraal staat. Tijdens dit overleg wordt samen met ouders gezocht naar wat de leerling nodig heeft om zich zo goed mogelijk te ontwikkelen. Er wordt geprobeerd met elkaar antwoorden te vinden op de vragen die er zijn en worden doelen gesteld. Aan het eind van de bespreking wordt afgesproken wie actie onderneemt en wanneer. Wij overleggen met ouders wie voor dit overleg uitgenodigd kunnen worden om mee te denken. De directeur zit het ondersteuningsteam voor.

Het expertteam

Het expertteam is een team dat snel inzetbaar is in de school. In dit team zitten ‘onderwijsmensen’ met ieder hun eigen deskundigheid. Welk teamlid wordt ingeschakeld hangt af van de ondersteuningsvraag van school, ouder en kind. De adviseur Passend Onderwijs coördineert de inzet van het expertteam.

Informatie over passend onderwijs en PPO

Voor verdere informatie kunt u contact opnemen met onze intern begeleider en verwijzen wij u naar de website van het samenwerkingsverband www.pporegioleiden.nl. Via de Kennisbank op de site van PPO vindt u links naar de (speciale) scholen die aangesloten zijn bij het samenwerkingsverband.
Andere sites:
www.passendonderwijs.nl
www.poraad.nl
www.steunpuntpassendonderwijs.nl 

Centrum voor Jeugd en Gezin

Binnen het CJG werken verschillende professionals samen, zoals jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen, jeugd- en gezinswerkers en pedagogen. Iedere medewerker heeft een eigen specifieke deskundigheid ter ondersteuning van ouders en kinderen. Elke school heeft vaste contactpersonen vanuit de Jeugdgezondheidszorg en de Jeugd- en Gezinsteams. Beiden maken onderdeel uit van het CJG.

Ouders, verzorgers, kinderen en jongeren kunnen bij het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) terecht met alle soorten vragen over opvoeden en opgroeien. We denken met jullie mee en bieden, waar nodig, ondersteuning.

In het CJG werken verschillende professionals samen, zoals jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen, jeugd- en gezinswerkers en opvoedadviseurs. Iedere medewerker heeft eigen specifieke deskundigheid ter ondersteuning van u en uw kinderen.

De basisschool en het CJG

Elke school heeft vaste contactpersonen van het CJG. De Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en het Jeugd- en Gezinsteam (JGT) maken onderdeel uit van het CJG.

De Jeugdgezondheidszorg nodigt jaarlijks de kinderen uit groep 2 en 7 uit voor een onderzoek. Zij kijken of uw kind goed kan horen en zien, hoe uw kind groeit en hoe het zich ontwikkelt. Verder kunt u advies krijgen over bijvoorbeeld voeding, zindelijkheid, gedrag, omgaan met leeftijdsgenoten en het voorkomen van pesten. U kunt altijd contact opnemen voor advies of extra onderzoek.

Het Jeugd- en Gezinsteam is er voor meer specialistische hulp. In dit team werken deskundigen uit verschillende organisaties samen om u persoonlijk te ondersteunen als u vragen heeft over of problemen hebt met opvoeden en opgroeien. Er wordt samen met u gekeken wat nodig is.

Online Centrum voor Jeugd en Gezin

Veel informatie over thema’s als eten, slapen, scheiden, pesten, geld, seksuele opvoeding en meer, vindt u op de website van het Centrum voor Jeugd en Gezin. Meld u aan voor een cursus of informatiebijeenkomst, lees blogs van andere ouders of praat mee op het forum. Natuurlijk staan onze adressen en openingstijden ook op de website. En u vindt er onze Facebookpagina.

Pubergezond.nl

Voor kinderen van groep 7 heeft het CJG een aparte website vol informatie over verliefdheid, sociale media, gamen, gezondheid en pesten. Met behulp van deze site kunt u thuis met uw kind het contact met de jeugdgezondheidszorg in groep 7 voorbereiden.

Cursusaanbod

Elke ouder kan weleens advies gebruiken. Voor u heeft het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) een groot aanbod aan opvoedcursussen, themabijeenkomsten en lezingen over diverse onderwerpen om u te ondersteunen bij de opvoeding. Ook de kinderen of jongeren zelf kunnen cursussen bij het CJG volgen. Denk aan een weerbaarheidstraining, een training voor kinderen in echtscheidingssituaties (KIES) of een oppascursus.

Contact met het CJG

Voor contact met de Jeugdgezondheidszorg of CJG pedagogisch adviseur bel: 088 – 254 23 84
Voor direct contact met het Jeugd- en Gezinsteam bel: 088 – 254 23 63

CJG Leiden
088 – 254 23 84
Website
Pubergezond
Facebook 
Cursus CJG

Veiligheid op school

Melding besmettelijke ziekten en hoofdluis 

U wordt verzocht besmettelijke ziekten, zoals rode hond, de bof, roodvonk, kinkhoest enz. onmiddellijk te melden. Het voorkomen van hoofdluis blijft ons aller aandacht vragen! Wekelijkse controle van het haar op luizen en neten en het kammen met een goede stofkam (bijv. de metalen Nisska-kam) is een efficiënt middel. Mocht u hoofdluis constateren, dan is het belangrijk het kind te behandelen, de familieleden te controleren (zo nodig te behandelen) en ons op de hoogte te stellen. Daarnaast zijn in alle groepen ouders actief die periodiek de leerlingen controleren op de aanwezigheid van hoofdluis. Mocht er tijdens de controle “lopende luis” geconstateerd zijn dan nemen wij contact met u op. Wij verzoeken u uw kind van school op te halen en snel te behandelen zodat verdere verspreiding voorkomen kan worden.

Honden en andere huisdieren 

In verband met allergische reacties bij daarvoor gevoelige leerlingen, wordt u mede namens de schoolarts verzocht geen huisdieren in school te brengen. Mocht er voor een spreekbeurt een huisdier nodig zijn, dan kan er met de leerkracht een afspraak gemaakt worden over het halen en brengen. Uit overwegingen van veiligheid en hygiëne is het schoolterrein (schoolpleinen) en het gebouw verboden voor honden.

Roken in de school

In het schoolgebouw en op het schoolplein mag niet worden gerookt.